Het gemeentehuis wordt op dit moment grondig verbouwd en onderdeel van dat plan is een nieuwe ingang voor de medewerkers en raadsleden (die vergaderen buiten kantooruren). Deze nieuwe ingang zorgt ook voor vergroting van de veiligheid binnen het gemeentehuis omdat er dan een groot openbaar deel van het gemeentehuis is via de hoofdingang en een beveiligde zone voor de kantoren van medewerkers. Om dat mogelijk te maken moet er een flinke aanpassing woren gedaan in de noordgevel van het gebouw. 

Hard oordeel 

Hiervoor moet de gemeente bij zichzelf een vergunning aanvragen. Onderdeel daarvan is een advies van de gemeentelijke welstandscommissie. Omdat het gemeentehuis ook een gemeentelijk monument is moet ook de monumentencommissie een oordeel geven. Beide adviezen zijn negatief en hard geformuleerd. 

De welstandscommissie concludeert dat "het ingediende plan in strijd is met redelijke eisen van welstand". De monumentencommissie vindt dat "het ingediende bouwplan leidt tot een onaanvaardbare aantasting van monumentale waarden". Ondanks deze negatieve oordelen heeft het college besloten in afwijking van die adviezen zichzelf toch een vergunning te verlenen. 

Gelijke monniken 

GroenLinks bestrijdt niet dat er goede redenen zouden kunnen zijn om af te wijken van het negatieve oordeel van beide commissies. Maar als gemeente hebben we de plicht in zo'n geval bijzonder goed te onderbouwen waarom deze situatie zo bijzonder afwijkend is dat dergelijke adviezen genegeerd kunnen worden. Want voor je het weet laad je de schijn op jezelf dat de regels voor iedereen gelden, behalve voor de gemeente. 

Het is een beeld dat wij niet herkennen. Maar we zien tegelijkertijd dat voor andere projecten een negatief oordeel vrijwel altijd zorgt dat een vergunning geweigerd wordt. Dat roept vragen op. Want hoe verklaart het college dat ze er kennelijk niet in is geslaagd om de beide commissies te overtuigen van het plan. Zeker als er ook overeenstemming is met de erven van de oorspronkelijke architect? 

Motivering 

Wij vinden dat er geen enkele twijfel mag blijven hangen dat de gemeente het voor zichzelf gemakkelijker maakt dan voor andere projecten in onze gemeente. Daarom hebben we vragen ingediend om het college de kans te geven met een heel stevige motivering het besluit om af te wijken van de negatieve adviezen van Welstand en Monumentencommissie in het openbaar te onderbouwen.